Deze maand

In het nummer van april 2012 staan de volgende artikelen:

Ontroerend getuigenis tegen tirannie (A.B. Goedhart, Leerbroek)

Volgende maand is het al weer mei, waarin de data van 4 en 5 mei vallen. Deze dagen herinneren er aan, wat het ons volk heeft gekost om in vrijheid te leven. Een totalitaire macht maakte een einde aan democratisch bestuur en een gekozen parlement. De Nederlandse rechtsstaat werd bruut opzij geschoven. Wezenlijke waarden en grondrechten telden niet meer: huisvredebreuk, verenigingsverbod, censuur, arrestatie zonder proces, geen zingen van het volkslied, of bidden voor de koningin in de kerk enz. Download het hele artikel.

Visie op christelijke geschiedschrijving-1 (Drs. A.A. van der Schans, Bodegraven)

“Over Gods Hand in de geschiedenis spreekt helemaal niemand meer”. Dat schreef Herman Amelink, redacteur kerk en religie bij de NRC, vorig jaar in zijn krant. Dit naar aanleiding van zijn bespreking van het boek Het gereformeerd geheugen. Protestantse herinneringsculturen in Nederland 1850-2000. (Amsterdam 2009). In dit geschiedenisboek wordt niet zozeer een persoon of periode uit de geschiedenis behandeld. Het beschrijft hoe gereformeerden het verleden hebben gebruikt om hun eigen positie te markeren. In de trant van ”zeg me hoe u over de synode van Dordrecht 1618/1619 geschreven hebt of schrijft”, en ik weet waar u zelf staat.

Gesignaleerd (Ds. L.J. Geluk)

De bespreking van een omvangrijk boek over het leven en doen van een machtige, misschien wel de machtigste Nederlandse dame die in ‘Brussel’ zetelt, had als voorlaatste zin: “Wie eerbied wil houden voor hen die in hoogheid zijn gezeten, moet dit boek dus niet lezen.”
Het boek brengt, volgens die bespreking kortgeleden in een bekend dagblad, naar voren hoe een “kundige vrouw onder het mom van de publieke zaak haar eigen belang dient.” Dat is dus bepaald niet vleiend voor deze mevrouw.

Het economische wonder van de 17e eeuw (A. van Vuuren, Delft)

Na meer dan drie eeuwen onderzoek en reflectie noemt de historiografie de economische bloei van Nederland in de zeventiende eeuw nog steeds een ‘wonder’. De moderne historicus, die in het gemeen in zijn geschiedschrijving geen rekening houdt met God, voelt zich toch gedrongen om een term te gebruiken die verwijst naar een hogere macht. Met de titel van zijn populaire geschrift ‘De wonderen des Allerhoogsten’ had Abraham van de Velde in 1668 zo gek nog niet geschoten. Daarin schreef deze predikant onze nationale vrijmaking en de opkomst van onze economie aan God toe.

Kindschap en jongelingschap (Dr. A. de Reuver, Serooskerke)

Theodorus à Brakel beoogde in zijn Trappen des Geestelyken levens de dynamische continuïteit in de omgang met God uit te werken. Om de compositie van Theodorus’ intieme verslag zo weinig mogelijk te verstoren, zal ik zijn gedachten niet thematiseren, maar de gang van zijn driedeling volgen. In dit artikel ga ik wat dieper in op het kindschap en het jongelingschap in het geestelijke leven.

Nader beschouwd (Dr. K. van der Zwaag, Barneveld)

In de Rooms-Katholieke Kerk is de mis vanouds het ritueel waar alle accent lag op de verandering van de elementen van brood en wijn. Van de weeromstuit heeft de Reformatie in haar verzet tegen een magische sacramentsbeleving het element van gedachtenis benadrukt. De laatste tijd is er een voorzichtige toenadering. Ook de ontvanger van de tekenen van brood en wijn verandert. Het Avondmaal is meer dan een herinnering, het dóet je wat.

Hanna da Costa: Een liefhebbende vrouw (Dr. O.W. Dubois, Berkenwoude)

Hanna Belmonte werd in 1800 te Amsterdam geboren als dochter van het joodse echtpaar Jakob Belmonte (1757-1804) – wiens beroep onbekend is, maar waarvan we wel weten dat hij een welgestelde Sefardische jood was – en  Simcha Belmonte – da Costa (1759-1826). In 1802 vertrok haar vader, de reden waarom is niet bekend, zonder zijn gezin naar Maastricht waar hij in 1803 overging tot de Rooms-Katholieke Kerk.

Verhouding Schrift en traditie (Dr. K. van der Zwaag, Barneveld)

Een controversieel thema in de dialoog tussen Rome en Reformatie blijft de verhouding tussen Schrift en traditie. We kennen het traditionele onderscheid tussen Rome en Reformatie: de Reformatie belijdt alléén de Schrift (sola Scriptura), Rome kent een gelijkwaardigheid van Schrift en traditie. De luthers-katholieke dialoog laat volgens Kasper zien dat in een hernieuwde hermeneutische context de Schrift niet langer uitsluitend gezien kan worden als tegengesteld aan traditie.

De wereld van Willem de Mérode (Dr. C.R. van den Berg, Zwijndrecht)

Recent verscheen van de hand van Hans Werkman een biografie over Willem de Mérode, één van de belangrijkste protestantse dichters van de 20ste eeuw. Dat vormde voor de redactie van Protestants Nederland de aanleiding om aandacht aan deze studie te besteden. Een belangrijk dichter? Ja: zelfs  toonaangevende critici en vakgenoten als Simon Vestdijk, Menno ter Braak en Willem Jan Otten hebben waarderende woorden aan De Mérode gewijd.

Willem van Oranje in ons volkslieds (Ds. W. Visscher, Amersfoort)

Willem van Oranje is ongetwijfeld de grootste Nederlander aller tijden. Hij is de grondlegger van ons land als zelfstandige natie. Over hem zijn veel boeken en studies verschenen. Sommigen belichten hem vanuit de tijdsomstandigheden. Anderen zoeken aanknopingspunten in zijn brieven of andere documenten. In de brochure ‘De vader des vaderlands in het Nederlandse volkslied’ doet Bert Hofman een poging om hem vanuit het volkslied te beschrijven en in zijn diepste motieven te verstaan. Dat is eigenlijk nog nooit echt diepgaand gepoogd.

Geboekstaafd

Langs de kloof (Waarnemer)